Riquewihr, een bijzonder wijndorp in de Elzas

Riquewihr is één van de prachtige dorpen die als een parelketting langs de ‘route de vin d’Alsace’ liggen. Riquewihr is daar ongetwijfeld één van de mooiste van. Het dorp ligt fantastisch tussen de wijngaarden, heeft prachtige straatjes en pleintjes met vakwerkhuizen en wordt voor een groot deel omringt door verdedigingsmuren. Of eigenlijk de stadsmuren, want Riquewihr is officieel een stad, omdat het in 1320 stadsrechten kreeg.

Het is een wonder dat er in Riquewihr zoveel oude huizen staan, want de Elzas is nogal eens het toneel geweest van oorlog. Maar het is het dorp in het oosten van Frankrijk steeds weer gelukt buiten het strijdgewoel te blijven, waardoor we nu goed kunnen zien hoe een wijndorp in de Elzas er in het verleden uit heeft gezien. In Riquewihr vind je dan ook de best bewaarde vakwerkhuizen van de Elzas. Alleen in Colmar en in Straatsburg zijn er nog meer te zien, maar dat zijn dan ook echt grote steden.
Het dorp is niet buiten de aandacht van de toeristen gebleven. Jaarlijks bezoeken meer dan twee miljoen mensen Riquewihr. Het kan in de zomer dan ook akelig druk zijn. Als je de auto al kwijt kunt dan zul je je tussen de nauwe straatjes en steegjes moeten wringen. Niet echt een recept om van een dorpje te genieten, maar het is het toch wel waard. Als je goed ter been bent is het aan te raden om de auto in Hunawihr te parkeren en dan naar Riquewihr te lopen door de wijngaarden. Het is een wandeling van iets meer dan een kilometer en de moeite waard.

Het dorp ligt tegen de bergen van de Vogezen aan en loopt een beetje omhoog. De rue Charles de Gaulle, de hoofdstraat, loopt tegen de berg op tot de toegangspoort, de Dolder. De toegangspoort is gebouwd in de dertiende eeuw en vervolgens de eeuw daarop flink verbouwd.

De toren is een bijzonder bouwsel. Hij is redelijk hoog en is gebouwd bovenop de stadspoort. Hierdoor lijkt de Dolder op poten te staan. Bijzonder is het vakwerk dat in de toren is verwerkt.Vakwerk kom je wel vaker tegen in Europa, maar het vakwerk in de Elzas heeft een bijzonder verhaal. Opvallend is dat er verschillende kleuren worden gebruikt en dat had vroeger een betekenis. Aan de kleur van het vakwerk kan je het beroep of de religieuze voorkeur van de bewoners aflezen. Zo was een viswinkel blauw, had een bakker geel vakwerk en maakte protestanten hun huis rood.

 Voor de innerlijke mens is Riquewihr, maar ook de andere dorpen eromheen, erg goed. Er zijn tal van restaurants waar je voor een redelijke prijs goed kan eten. De Elzas heeft zijn eigen gastronomie die heel anders is dan de rest van Frankrijk. Zo zijn ze er dol op zuurkool, choucroute, die anders is dan wij in Nederland gewend zijn. De aardappelen en de zuurkool worden niet gemengd maar op een grote schaal opgediend waar allerlei stukken spek, worst en ander vlees worden geserveerd.
 Is zuurkool niet jouw ding, dan kan je genieten van tal van andere streekgerechten. Heel Frans is de foie gras, die je eigenlijk niet mag eten van de dierenliefhebbers, maar wel heel lekker is. Lichter voor de maag is de flammkuchen. Een soort van kruising tussen pizza en quiche en erg goed tijdens de lunch. Maar er zijn nog tal van andere lekkernijen te krijgen in de Elzas. Je raakt niet uitgegeten daar!
En, niet onbelangrijk, hele lekkere wijnen. Ik heb ze van de famille Hugel.
Recent Posts

Leave a Comment